De Piano

We liepen een overdekt winkelcentrum in. Mensen waren gehaast, iedereen moest van alles. Wij moesten ook van alles. We moesten nog een opblaaskrokodil. We moesten slippers. We moesten, uiteraard, een gebakje, we moesten een jurkje, een korte broek, slippers voor de kinderen. Och, wat moesten we veel. Net als al die mensen om ons heen.

‘Amelie’ sprak ik en ik keek mijn man aan. Ik hoorde het prachtige nummer uit Amelie. Dat práchtige nummer…. kippenvel verkoelde mijn veel te warme huid. Op het gezicht van mijn kleuter verscheen een onweerstaanbare glimlach. Ze vond het mooi. Ze genoot van de tonen van de piano.

‘Ik wil ook piano leren spelen’ zei mijn lieve meiske.

We liepen de hoek om. Daar stond een piano. Er zat iemand te spelen.  Op dat moment besefte ik pas, dat we geen cd hoorden, of de radio. Er zat hier een mevrouw, in een openbare ruimte, zonder bladmuziek, een prachtig nummer te spelen. Zij moest vanmorgen ook van alles, maar zag deze piano, zag de piano als uitnodiging en moest ineens niets meer… alleen maar spelen. Of stond deze, zeer getalendeerde, vrouw vanmorgen op en besloot zij, dat zij doelbewust hier zou gaan spelen?

Mensen liepen langs, liepen terug, bleven stilstaan. Ze hoefden even helemaal niets. Geen boodschappen, geen slippers, geen gebakjes…

We wilden allemaal alleen maar luisteren. Naar dit prachtige pianospel van deze dame.

De hele middag bleef dit in mijn hoofd. Ik zat aan het water, keek naar mijn man, mijn dochters, en hoorde nog altijd dat pianospel in mijn hoofd.

Volmaakt gelukkig. Dat was ik.

En mijn dochter? Zij mag op pianoles.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *